> Home > Voortgezet onderwijs > Zelf aan de slag > Deel 2 - Stappenplan Gezond Schoolplein > d: Uitvoeren

d: Uitvoeren

Stap 16: De keuring

Tijdens het ontwerpen en bij de oplevering van het schoolplein moet er ook rekening gehouden worden met de veiligheid van het schoolplein. Als het schoolplein openbaar is en ook geschikt is om er te spelen, dan moet je rekening houden met het WAS (Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen). Speelruimtes moeten namelijk voldoen aan eisen uit het WAS, met als doel dat de kans op ernstige ongelukken tijdens het spelen minimaal is. 

Toestellen uit een catalogus hebben vrijwel altijd al een keuring ondergaan, maar toestellen die een ontwerper bijvoorbeeld speciaal voor jullie plein ontwerpt zijn waarschijnlijk nog niet gekeurd. Ook constructies van natuurlijke materialen, zoals boomstammen die aan elkaar bevestigd zijn en een klimelement vormen, moeten volgens de wet gekeurd worden.

Meer informatie over het WAS en de keuring van speeltoestellen lees je in de brochure: Veilig spelen op het schoolplein en het ‘WAS’. Daarnaast is het belangrijk dat het schoolplein na de oplevering veilig blijft. Maak afspraken over de inspecties en het beheer van speeltoestellen en de speelomgeving. In de brochure Inspecties en onderhoud speeltoestellen en speelomgeving’ kun je meer over dit onderwerp lezen.

Sporttoestellen zoals baskets en doeltjes vallen niet onder het WAS. Er zijn veel verschillende normen voor de keuring van dergelijke objecten. Zo is er de NEN-EN 12572 voor kunstmatige klimobjecten, NEN-EN 16630 voor openlucht fitness-apparatuur NEN-EN 913 voor turntoestellen en NEN-EN 957 voor vast opgestelde trainingsapparatuur. 

Het Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen (WAS)

Het WAS gaat specifiek over speeltoestellen en bijbehorende ondergronden en heeft als primair doel het terugbrengen van niet aanvaardbare risico’s. Een risico is onaanvaardbaar als het aanleiding geeft tot het ontstaan van ernstig letsel, als het risico onherkenbaar is voor kinderen of als het risico de speelwaarde niet verhoogt. Het WAS is niet bedoeld om alle risico’s weg te nemen: kinderen moeten hun grenzen kunnen verleggen bij hun spel en hierbij is een zeker risico nodig. 

Bij het WAS horen normen (NEN-EN 1176 en NEN-EN 1177) waarin vastgelegd is waar een speeltoestel in de regel aan moet voldoen om onaanvaardbaar risico uit te bannen, en hoe dit gekeurd, gemeten en berekend kan worden. Het voldoen aan deze normen geeft een vermoeden van veiligheid. Dat betekent dat het geen garantie is maar eveneens dat een toestel soms ook veilig kan zijn als het niet aan de norm voldoet.